De profeet Yunus ('aleyhi sallaam)

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down

De profeet Yunus ('aleyhi sallaam)

Bericht van Admin op ma jun 30, 2008 1:02 am

Profeet Yunus (Jonas) is ook bekend als Dhan-Nun. Over zijn mensen zegt Allah:

« Waarom heeft, behalve het volk van Yunus geen stad geloofd, zodat hun geloof hen zou hebben kunnen helpen? Toen zij geloofden, verwijderden Wij de straf der schande in het tegenwoordige leven van hen en Wij lieten hen voor een wijle genieten. » {10:98}

De inwoners van de stad Nineveh waren afgodendienaren die een schaamteloos leven leidden. Profeet Yunus (aleihi salaam) werd gezonden om hen de aanbidding van Allah te leren. De mensen hadden een afkeer van zijn inmenging in hun manier van aanbidding dus zeiden ze: "Wij en onze voorvaders hebben deze goden vele jaren aanbeden en geen kwaad is ons overkomen." Hij probeerde hen te overtuigen van de dwaasheid van afgoden aanbidden en de goedheid van Allah's wetten maar ze negeerden hem. Hij waarschuwde hen dat als ze door zouden gaan met hun dwaasheden, Allah's straf snel zou volgen. In plaats van Allah te vrezen, vertelden ze Yunus dat ze niet bang waren voor zijn dreigementen. "Laat maar komen," zeiden ze tegen hem. Yunus was ontmoedigd. "In dat geval zal ik jullie aan jullie ongeluk overlaten!" En daarmee verliet hij Nineveh vrezend dat Allah's woede snel zou volgen.

« En (herinner) Dhan-Nun (Yunus) toen hij in toorn heenging en dacht dat Wij geen macht over hem hadden en in de duisternis uitriep, zeggende: "Er is geen God dan Gij. Heilig zijt Gij. Ik behoorde inderdaad tot de onrechtvaardigen." » {21:87]

Nauwelijks had hij de stad verlaten wanneer de hemel van kleur begon te veranderen en in vuur leek te staan. De mensen waren gevuld met angst bij dit aanzicht. Ze herinnerde de vernietiging van de mensen van 'Ad, Thamud en Nuh. Zou hen een zelfde lot gevallen? Langzaam drong geloof hun harten binnen. Ze verzamelden op de berg en begonnen Allah aan te roepen voor Zijn genade en vergiffenis. De bergen echoden met hun kreten. Het was een belangrijk moment, gevuld met oprecht berouw. Allah verwijderde Zijn toorn en overgoot hen weer met zegeningen. Toen de dreigende storm opgeklaard was, baden ze voor de terugkeer van Yunus zodat hij hen kon leiden. Intussen was Yunus aanboord van een klein schip gegaan in gezelschap van andere passagiers. Het zeilde de hele dag in kalme wateren en er blies een goede wind in de zeilen. Toen de nacht viel, veranderde de zee plotseling. Een vreselijke storm blies alsof het het schip uiteen zou splijten. De golven leken wild. Ze rezen zo hoog op als bergen en doken daarna naar beneden als dalen, het schip opwerpend en over het dek vegend. Achter het schip splijtte een grote walvis het water en opende zijn mond. Een bevel van Allah de Almachtige was opgedragen aan één van de grootste walvissen van de zee om aan de oppervlakte te komen en de walvis gehoorzaamde. De walvis haastte zich naar de oppervlakte van de zee en volgde het schip zoals hem was opgedragen. De storm ging door en het hoofd van de bemanning vroeg de bemanning om het schips zware belasting te verlichten. Ze gooiden hun bagage overboord maar dit was niet genoeg. Hun veiligheid lag in het verder verminderen van het gewicht dus besloten ze onder elkaar om hun belasting te verlichten door minstens één persoon te verwijderen. De kapitein zei: "We maken lootjes met al de namen van de reizigers. Degene wiens naam getrokken wordt, zal overboord worden gegooid." Yunus wist dat dit één van de tradities van de zeemannen was wanneer ze een storm trotseerden. Het was een vreemde polytheïstische traditie, maar het werd gebruikt in die tijd. Yunus beproeving en crisis begon. Hier was de profeet overgedragen aan polytheïstische regels die dachten dat de zee en de wind goden hadden die ruzieden. De kapitein moest die goden tevreden stellen. Yunus nam tegen zijn zin deel aan de loting en zijn naam werd bij de namen van de andere reizigers gevoegd. Het lot werd getrokken en "Yunus" verscheen. Omdat ze wisten dat hij de meest eerbiedwaardige onder hen was, wilde ze hem niet in de kwade zee werpen. Daarom besloten ze een tweede lot te trekken. Weer werd Yunus' naam getrokken. Ze gaven hem een laatste kans en trokken een derde lot. Helaas voor Yunus kwam weer zijn naam naar boven. Yunus realiseerde zich dat Allah's hand in dit alles was, omdat hij zijn missie had verlaten zonder Allah's toestemming. De zaak was over en het was besloten dat Yunus zichzelf in het water zou gooien. Yunus stond aan de rand van het schip en keer naar de woeste zee. Het was nacht en er was geen maan. De sterren waren verscholen achter een zwarte mist. Maar voordat hij zich overboord kon gooien, bleef Yunus Allah's naam noemen en sprong in de wilde zee en verdween onder de enorme golven. De walvis vond Yunus drijvend op de golven voor hem. Hij slikte Yunus in zijn enorme maag en sloot zijn ivoren tanden alsof ze witte grendels waren die de deur van de gevangenis sloten. De walvis dook naar de bodem van de zee, aan de afgrond van de duisternis. Drie lagen van duisternis omhulden hem, de één boven de ander; de duisternis van de maag van de walvis, de duisternis van de bodem van de zee, de duisternis van de nacht. Yunus beelde zich in dood ye zijn maar zijn zintuigen werden alert toen hij ontdekte dat hij kon bewegen. Hij wist dat hij in leven was en ingesloten tenmidden van drie lagen van duisternis. Zijn hart bewoog door het gedenken van Allah. Zijn tong was bevrijd na het zeggen van:

« "Er is geen God dan Gij. Heilig zijt Gij. Ik behoorde inderdaad tot de onrechtvaardigen." » {21:87}

Yunus bleef bidden tot Allah, deze uitroep herhalend. Vissen, walvissen, zeewier en alle wezens die in de zee leefden, hoorden de stem van Yunus bidden en de prijzing van Allah opgedragen vanuit de walvismaag komen. Al die wezens verzamelden zich rond de walvis en begonnen de prijzingen van Allah terug op te dragen, elk wezen op zijn eigen manier en in zijn eigen taal. De walvis deed ook mee in het opdragen van prijzingen aan Allah en begreep dat hij een profeet had ingeslikt. Daarom voelde hij zich bevreesd maar zei tegen zichzelf: "Waarom zou ik bang moeten zijn? Allah heeft me bevolen hem in te slikken." Allah de Almachtige zag het oprechte berouw van Yunus en hoorde zijn smeekbedes in de walvismaag. Allah beval de walvis om naar het oppervlak te komen en Yunus op een eiland uit te werpen. De walvis gehoorzaamde en zwom naar het verste end van de oceaan. Allah beval hem naar de warme, verfrissende zon en prettige aarde te komen. De walvis wierp Yunus op een afgelegen eiland. Zijn lichaam was ontvlamd door de gifstoffen in de walvismaag. Hij was ziek en toen de zon opkwam, branden zijn stralen zijn ontvlamde lichaam waardoor hij op het punt stond om te schreeuwen van de pijn. Maar hij onderging de pijn en bleef zijn smeekbede aan Allah herhalen. Allah liet een gaard groeien van geruime lengte om hem te beschermen. Toen liet Allah Yunus genezen en vergaf hem. Allah vertelde Yunus dat als hij niet tot Hem had gebeden, hij in de walvismaag had gebleven tot de Dag des Oordeels. Allah vertelde:

« En Yunus was voorzeker ook een der boodchappers. Toen hij in het geladen schip vluchtte, en hij lootte en werd (overboord) geworpen. Een grote vis slokte hem op terwijl hij zelfverwijt had. Indien hij niet behoorde tot hen die Ons verheerlijken, dan zou hij in diens buik zijn gebleven tot de Dag der Opstanding. Wij wierpen hem op een kaal strand terwijl hij ziek was. En Wij lieten een pompoen voor hem opgroeien. En Wij zonden hem als boodschapper tot honderdduizend of meer mensen. En zij geloofden, daarom gaven Wij hun voor een korte tijd de voorziening (van dit leven). »
{37:139-148}

Geleidelijk kreeg hij zijn kracht terug en vond zijn weg naar zijn woonplaats Nineveh. Hij was blij verrast om de veranderingen te zien die daar hadden plaatsgevonden. De gehele bevolking kwam hem verwelkomen. Ze vertelden hem dat ze teruggekeerd waren naar het geloof in Allah. Samen leidden ze een gebed om dankbaarheid te betonen aan hun Genadevolle Heer. Ibn 'Abbas heeft overgeleverd: "De profeet Mohammed (sallallahu aleihi wa salaam) zei:

"Men moet niet zeggen dat ik beter ben dan Yunus Ibn Matta." [Sahih Al-Bukhari]

Bron: Stories of the Prophets van Ibn Kathir, vertaald door AlMutaqqun.tk

_________________
Imaam Ahmad (Moge Allaah hem Barmhartig zijn) heeft Gezegd:
De mensen zijn meer in nood aan kennis dan dat zij in nood zijn aan eten en drinken! Want zij zijn maar twee of drie keer per dag in nood aan water, maar zij zijn op elk moment in nood aan kennis! (Syar a'laamoennoebalaa 2/256)
avatar
Admin
Admin

Aantal berichten : 106
Woonplaats : Antwerpen
Registration date : 01-06-08

Profiel bekijken http://islam-belgie.actieforum.com

Terug naar boven Go down

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven


 
Permissies van dit forum:
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum